De eerste school

Onze school heeft een lange weg afgelegd van de qua omvang en opzet heel bescheiden school uit de beginperiode naar de middelgrote, moderne school die het nu is. Van de oorspronkelijke bescheidenheid is wel iets blijven hangen, alleszins genoeg om niet te veel uit te pakken met de kwaliteiten die de school typeren. De eerste school werd in 1912 te Oostmalle opgericht door een uit Frankrijk afkomstige zustercongregatie, onder de naam 'Institut du Sauveur et de la Sainte Vierge'. Nadat in Frankrijk in 1904 niet minder dan 13.904 kostscholen werden gesloten, waaronder vijfenzeventig van de 'Congregation du Sauveur', een door zuster Josephine Dubourg in het leven geroepen onderwijscongregatie. Noodgedwongen vertrokken de zusters naar andere landen, van Engeland tot Marokko, en kwamen ze zo ook in België terecht. Ze vestigden zich in Brussel en Aarlen en in 1912 ook in Oostmalle. Graaf Max de Renesse stelde een huis ter beschikking van de ‘Zusters van de Verlosser’ om een school te stichten voor jongeren vanaf veertien jaar. Zuster Ambroise Dupuy had de leiding over het eerste schooltje dat begon in een melkerij met twaalf leerlingen.


Van een beroeps-huishoudschool in de jaren ’20 en ’30...

In 1921 werd de school ‘Institut du Sauveur et de la Sainte Vierge’ erkend door de Staat onder de naam 'Beroeps-huishoudschool'. Drie jaar later gebeurde het onderwijs volledig in het Nederlands. De zusters bleven in Oostmalle wel bekend als ‘de Franse nonnen’. Zuster Béatrix Briquet volgde de in 1930 overleden zuster Ambroise op. Zij opende naast de school een vakantiehuis voor meisjes, het ‘Home Marie Stella’. In 1934 kreeg de school de naam 'Marie Stella Instituut', met als aanbod een cyclus van vier jaar voor meisjes van twaalf tot zestien jaar, Op een moment dat er slechts leerplicht was tot veertien jaar getuigde dit van visie. Tijdens de oorlogsjaren 40-45 werden er cursussen georganiseerd om meer kansen te creëren voor de reeds afgestudeerde meisjes en ook om hen te onttrekken aan de verplichte tewerkstelling in Duitsland. Weinig bekend is dat zuster-overste Béatrix met haar daadkracht in deze jaren de Joods-Duitse Leo Meyer het leven redde. In 1945 overleed zij en werd de leiding overgenomen door zuster Aloysia Demeur. Deze werd vrij snel, in 1949, opgevolgd door zuster Marthe Marie Festré.

...naar een volwaardige humaniora aso en een kunsthumaniora kso in de jaren ’50 en ‘60

In 1951 kwam er een Lagere Cyclus en een Hogere Cyclus zodat de leerlingen hun vorming konden verder zetten tot achttien jaar. In het turbulente schoolstrijd-jaar 1958 kreeg de school als nieuwe naam ‘Technisch Instituut Marie Stella’. In het feestjaar 1962, bij de viering van het vijftigjarige bestaan van de school, werd zuster Marthe Marie als directeur opgevolgd door zuster Luk Marie Van Hoecke, die overkwam van het Brusselse Imelda Instituut, waar zij leerkracht pedagogische wetenschappen was.

Naast de Technische School kwam er in 1964 ook een Moderne Humaniora. Op dit moment kreeg de school de naam die we nu nog altijd gebruiken: het ‘Maris Stella Instituut’. Een jaar later werd de school verder uitgebreid met een Voorbereidende Afdeling. Mei 1968 werd op Maris Stella heel intens beleefd: een door alle betrokkenen fel maar waardig aangevochten beslissing van het bisdom om de zusters van de school over te plaatsen naar een school in het Brusselse, werd – gelukkig – herzien. Dit zou zonder meer het einde van de school hebben betekend.

Heel wat nieuwigheden en uitbreidingen vanaf de jaren ‘70

In de daaropvolgende jaren breidde Maris Stella haar studierichtingen uit vanuit de vaststelling dat er in de Kempen een groot tekort was aan degelijk, op hogere studies voorbereidend onderwijs voor meisjes. Om dit probleem te verhelpen werd in 1971 ‘de economische’ toegevoegd aan het studieaanbod.

In de jaren zeventig doken heel wat nieuwigheden op. Opendeurdagen bijvoorbeeld. En er werd duchtig bijgebouwd: Dennendal werd opgetrokken om de hogere cyclus van de humaniora een plek te geven. In 1977 verrees het grote restaurant, toen ‘Groendal’ genaamd, dankzij de doorgedreven inspanningen van de ouders.

Niet alleen de algemene vorming, en een kwaliteitsvol talenonderwijs kregen aandacht, maar ook het logisch denken, de wiskunde en de wetenschappen, en de creativiteit werden naar waarde geschat. Dit zou, begin jaren tachtig, leiden tot het aanbieden van de studierichtingen wetenschappelijke A en B en de kunstafdeling. In de jaren die volgden werd duidelijk dat Maris Stella een degelijke en eigentijdse school wilde zijn.

De scholengemeenschap Malle - Zandhoven werd gevormd in 1980. Volgens een nieuwe wetgeving in 1984 kon een tweestudiejarige lagere school niet onafhankelijk blijven bestaan. Ze werd toegevoegd aan het Sint-Jan Berchmanscollege met vestingplaats in Maris Stella. Een jaar later werd het internaat gesloten, en werden de kamertjes boven de feestzaal tot klaslokalen omgebouwd. Het 75-jarig bestaan van de school werd gevierd in 1987. Toen directrice zuster Luk Marie Van Hoecke in 1989 met pensioen ging, werd ze opgevolgd door de heer Gust Mermans, die leraar Nederlands en Duits was in de school. In 1989 werd het studieaanbod opnieuw verruimd met de verschillende richtingen met Latijn. Latijn - Moderne talen, Latijn - wetenschappen en Latijn – wiskunde werden aan het gamma mogelijke studierichtingen toegevoegd. Tijdens de directeursperiode van Gust Mermans werd het wetenschapsgebouw neergezet.

In het nieuwe milennium

Op 1 september 2001 werd in de derde graad kso de richting Architecturale en binnenhuiskunst opgericht. Vanaf september 2002 kan je in Maris Stella ook de richting Humane Wetenschappen volgen. In 2005 ging directeur Mermans met pensioen. Hij werd opgevolgd door mevrouw Seuntjens, leerkracht Nederlands en Duits. Het wetenschapsgebouw werd uitgebreid, onder andere met mooie ruime lokalen voor de kunstklassen, en werd hernoemd tot ‘Damiaangebouw’. De school werd opgedeeld in een eerste graadschool en een bovenbouwschool. Mevrouw Van Dyck werd directeur van de eerste graad. Mevrouw Seuntjens werd algemeen directeur en directeur van de bovenbouwschool. Tijdens het schooljaar 2011 - 2012 vierden we het 100-jarig bestaan van Maris Stella.

overd’100!

Zo luidde de slogan van dat feestjaar. De viering van een eeuw Maris Stella toonde de grote betrokkenheid en spontane bereidheid tot inzet bij leerlingen, leerkrachten, schoolbestuursleden. Het resultaat was dat ‘buitenstaanders’ die interesse toonden inderdaad een beetje ‘overdonderd’ waren door de kwaliteit(en) van zovele mensen op Maris Stella. Dit zal wellicht ook zijn weerslag hebben gehad op de reputatie van de school, of beter gezegd, op een grotere bekendheid van die reputatie, die in wezen altijd dezelfde is gebleven: warm, begaan met leerlingen en daarom ook hoge verwachtingen naar die leerlingen toe. De ondertitel bij de slogan overd’100 was ‘Groeien naar morgen’. Deze zou het motto worden voor de volgende jaren. De honderdste verjaardag van de school vormde niet zozeer een eenmalig hoogtepunt zonder verdere gevolgen, maar betekende veeleer een extra impuls voor innovatief onderwijs in de daaropvolgende jaren. Ook het leerlingenaantal bleef gestaag groeien.

Groeien naar morgen

De informatisering won in het tweede decennium van de 21e eeuw verder aan belang met het gebruik van tablets en het digitale platform ‘Smartschool’, dat zijn nut zou bewijzen bij het organiseren van afstandsonderwijs. Alle klaslokalen waren al enige tijd voorzien van beamers. De vernieuwingen beperkten zich niet tot het ICT-terrein. Zo ging, bijvoorbeeld, in het schooljaar 2015-2016 ‘CLIL’ van start, wat staat voor Content and Language Integrated Learning. Vanaf september 2015 deed ‘STEM’ zijn intrede, wat staat voor Science, Technology, Engineering en Mathematics. Leerlingen die meer geboeid zijn door talen konden er dan weer voor kiezen hun aanleg te ontwikkelen in het ‘Project Talen’.

In september 2016 werd de richting Economie-wetenschappen in de derde graad aso toegevoegd aan het aanbod.

In het laatste jaar van het directeurschap van mevrouw Seuntjens werd het Dennendal-gebouw tegen de vlakte gegooid om plaats te maken voor een meer aan de hedendaagse isolatie- en luchtkwaliteitsnormen beantwoordend gebouw. Vanaf september 2019 ging de school verder onder de leiding van de heer Jef Otten, voordien leerkracht Frans op Maris Stella. Ongeveer halverwege zijn eerste jaar als directeur kreeg hij meteen een stevige opdracht op zijn bord: een school managen die werd getroffen door de maatregelen tegen de coronacrisis. De opening, in onheilsjaar 2020, van het nieuwe fraaie Dennendal-gebouw, dat voorzien is van alle modern didactisch onderwijs-comfort, onderlijnt de ambitie en de wil om vastberaden door te gaan op de ingeslagen weg: groeiend naar morgen. Vanuit de dankbaarheid voor de inzet van vele mensen die ons zijn voorgegaan. En naar hun voorbeeld altijd allereerst werkend in het belang van de mensen die de bestaansreden zijn van onze school: onze leerlingen.